SCHITTEREND

peacock
“Calligraphic Composition in Shape of Peacock”, Folio from the Bellini Album. Object Name: Illustrated album leaf. Date: ca. 1600. Geography: Turkey. Culture: Islamic.Medium: Ink, opaque watercolor, and gold on paper.

 

maar hij is een mooie pauw; schitterend kleuren, schitterende veren, de allergrootste staart.

maar er is iets mis met het kleurenpalet.

te grijs en te duister. Te onevenwichtig. Hier veel te donker, daar veel te roze. Past roze wel bij zo’n pauw?

en zijn roepen. Hij kakelt, hij kwebbelt, zijn snavel is groot, veel te groot zelfs.

hoor je hem? We moeten onze oren dichthouden.

hoor je hem nog? We moeten tot diep binnen in huis gaan om zijn gesnerp niet langer te horen.

Want het snijdt, het doorboort onze trommelvliezen. Het knispert en gloeit in onze hersenen. We moeten zorgen dat we hem niet kunnen horen.

en ja; hij is mooi. Met zijn glitterende kleuren, met zijn schitterende pracht die hem tot de Prins der Pauwen maakt, zo lijkt het en zo zegt hij zelf

maar het te donkere. De tekening van botten en knokels. De luide lokroep met zijn diep in jouw vel snijdend gekakel

gekwebbel, gesnavel, gepriem, hardnekkig geratel. Zijn pracht en zijn snavel zijn groot, veel te groot zelfs.

BAF : Vrije interpretatie & herwerking van een artikel, gedeeltelijk gelezen ergens op het net, op Paaszondag 2016.

sol lewitt wall drawing 260 1975 chalk on painted wall dimensions variablehttp://www.moma.org/calendar/exhibitions/305?locale=en


baf
baf baf baf
babaf baf baf baf
bababaf baf baf baf
bebaf bebaf bebaf bebaf

baf baf baf baf
babaf baf baf baf
bababaf baf baf baf
bebaf bebaf bebaf bebaf

bababaaf bababaaf bababaaf bababaaf
bababaaf bababaaf bababaaf bababaaf
bababaaf bababaaf bababaaf bababaaf
bababaaf bababaaf bababaaf bababaaf

bebaf bebaf bebaf baf baf
bebaf bebaf bebaf baf baf
bababaaf bababaaf bababaaf bababaaf
bebaf bebaf bebaf bababaaf.

 

Er is vanzelfsprekend geen enkel verband tussen het werk van Sol LeWitt en de BAF-tekst hierboven.

WILD

per kirkeby new shadows V 1996

Ze was wild, ik zag het.
Superwild.
Niet enkel haar haren, niet enkel haar bewegingen. Ze was helemaal wild, binnen en buiten, ’s ochtends en ’s avonds, ’s nachts

Ik moest ophouden met over haar te fantaseren.
Ik keek.
Ik keek langer en beter. Dieper.

Ik zag haar wildheid, diep binnenin haar lijf. Hoe ze naar buiten wou. Dat ze wou lopen, springen en dansen. Dat ze wou roepen en schreeuwen. Dat ze wou juichen, joelen, vrijen, tot

Ik zag diezelfde wildheid alle kleuren van de regenboog krijgen.
Duizenden regenbogen tegelijkertijd, en de kleuren schitterden, liepen over en onder en door elkaar heen, in parelende groottes, in ontploffende combinaties, in veel meer dan het diepste blauw en het meest zilveren grijs en groen en oker en som maar op zoals alle brave mensen zouden doen…
Maar hun woorden volstaan niet, noch hun ogen.
Zouden ze het kunnen zien? De kleuren? De kracht? Dat haar wildheid?

Ik zag haar lopen.
Zelf bleef ik staan.
Ik hield mijn adem in.
Haar wildheid kristalliseerde.
Ze vervormde, ze vormde, ze bolsterde, ze ontbolsterde.
Haar wildheid werd een ruwe diamant.
Haar wildheid nam weer al die kleuren
Haar wildheid werd miljoenen mensen, bossen, bergen, zeeën, dansen, vulkanen, fragmenten. Overal verspreid tot ver buiten de stad waar we ons in bevonden.

Wild, zeg ik je.
Wildheid, zeg ik je.

In al haar pracht.
Langzaam. Zo zeker. Zo onmetelijk. Zo krachtig.
Omgeven door een beschermende mantel.
Blootgelegd, voor diegenen die kunnen en willen.
Bolster, ontbolster.

Zij.
Met haar oneindige flitsende fragmenten, met evenveel zandkorrels die schitteren in de woestijnen, die niet langer zandkorrels zijn, maar goud, meer goud, wit goud, bergen goud, vulkanen met al het goud van alle banken en mijnen en rivieren van de wereld, smeltend tot lava.
Zo wild.
My god.
Het goud, de kleuren, de vulkanen. Zo wild.

Zij, goud, kleuren, zandkorrels, witgoud.

(Afb.: Per Kirkeby, New Shadows V, 1996)

SHE COMES IN COLORS & IS EVERYWHERE

leon spilliaert
(Afb. : Léon Spilliaert, Fillette au Grand Chapeau, 1909)

Hij ziet de voorbijgangster en hij volgt haar.
Hij wil haar in de zon zien.
Ze gaat de hoek om.
De wolken verdwijnen.
Ze trekt haar mantel uit en draagt hem over haar arm.
Ze schudt de haren los.
Ze begint sneller te stappen.
Ze stopt en bekijkt de boeken in een etalage.
Ze stapt voort.
Ze stopt en bekijkt de schoenen in een etalage.
Hij staat naast haar.
De zon schijnt nog steeds.
Hij vraagt iets.
Ze kijkt hem aan en knikt.
Hier? vraagt hij.
Inderdaad, antwoordt ze.
Maar het is donderdag, zegt hij.
Dat geeft niet, zegt ze.
Is morgen niet beter?
Nee, zeer zeker niet.
Maar toch.
Nee, vandaag. Ze houdt vol.
De zon schijnt nog steeds.
Ze stapt voort.
Hij loopt naast haar.
Pas op, je mantel, zegt hij.
Dank je, antwoordt ze.

LIKE A RAINBOW

Het is dat wit wit is terwijl het toch beter rood of groen zou zijn.
Het is dat wit wit moet zijn maar anderzijds? Oranje?
Het is dat zwart dat alleen maar op zwart lijkt, terwijl het in feite geel is of terwijl ikzelf zou willen dat het wit en groen en blauw en oker en gespikkeld en vanalles tegelijkertijd is.
Het is dat rood rood, en dat rood toch ook weer geen rood, omdat ik het anders zou willen, als (o la la) pistache bijvoorbeeld!
Een blauw met groen ijsje!
Een rode hond!
Een knalgeel dak van een huis!
Een spierwitte hemel met groene waas!

Het is dat wit wit is terwijl het wit moet blijven of geef maar grijs met groene strepen.
Het is dat ik geen wit wil, maar wit wil wit laten blijven en zwart doen worden, in tussenstappen van honderd schakeringen oranje.
Het is dat ik liever groen gespikkeld.
Of roze met een zweem van lichtblauw.
Of donkerpaars met een fluo rand.
Het is dat zwart zwart is en pikzwart moet blijven maar er mag een venster in met dertig rode randen en een alu-bodem.
En dat mijn wit mijn wit en geen zwart maar toch zwart is of dat ik het wil kunnen kiezen, langs de ingelijste gele exemplaren.

Baf. Knalrood.
Baf. Okergeel.
Baf. Ontploffende regenbogen.
Baf. Stijgende rivieren, naar een appelblauwzeegroene lucht, verspreid over oost naar west en noord en zuid zonder onderbreking.
Baf. Dezelfde rivieren in alle kleuren en ze beginnen met wijnrood langs wijnwit en worden dan bananengeel en dan weer –groen of vice-versa, bij het ochtendgloren.
Baf. Zwartwit, witzwart, grijs over grijze strepen, rood over rode vlakken, geel over niks wit met het grote zwart en dan terug wit, dat beter rood of groen, of wat.

NOG KLEUREN

LeWitt05
“Een mens zou er vrolijk van worden. “
“Van wat, Jef?”
“Van al die kleuren.”
“Ja maar, Jef, je begreep het toch niet?”
“Nee, Nikki, nog altijd niet.”
“En wat zei je, Jef? Dat je er vrolijk van wordt?”
“Ha ja hé Nikki!”
“Dat is dan goed hé Jef?”
“Ja hoor Nikki. Vrolijkdronken ben ik, Nikki.”
“Heb je gedronken, Jef?”
“Ja, Nikki. Hahaha! Water! Ik heb veel water gedronken!”

Afbeelding: Sol Lewitt, Wall Drawing 958, Splat, detail from Mass MoCA, November 2000, Acrylic paint, LeWitt Collection, Chester, Connecticut.
Bron: http://arttattler.com/archivesollewitt.html

KLEUREN

sol lewitt whirls and twirls

“Helaba!
Helaba, zeg ik!
Niemand reageert.
Waarom luisteren ze niet? Nu ja. Ik zal dan nog maar wat naar die prent kijken. Die prent, ja. Ik zal nog eens goed kijken. Ik begrijp haar niet. Is dat een kunstwerk? Maar dat is toch een muur? Een kunstwerk op een muur? Maar waarom? En hoe moet die verhuisd worden? Kunstwerken moeten toch naar een ander museum kunnen? Ze moeten die toch kunnen opheffen? Maar dit? Op een muur? Ik snap er niks van. Maar de kleuren vind ik tof, dat wel. Mooi, ook. Kleurrijk, in ieder geval. Ik zou er zelf door beginnen kleuren, als ik het zou kunnen!
Ha nee, ik kan niet kleuren. Ik heb zelfs geen kleurpotloden, en daarbij, ik zou niet weten waarom! Ik ben een volwassen mens! Nee nee, ik kleur niet.”

Afbeelding : Sol LeWitt, Wall Drawing 1152, Whirls and twirls (Met), detail, April 2005, Acrylic paint, LeWitt Collection, Chester, Connecticut.
http://arttattler.com/archivesollewitt.html