JOE

Ik hou
HOU
van mijn kalkoenen, zei hij, en van mijn ezels en
fazanten en van mijn kippen en hanen en van mijn
paard en de hond en de drie poezen.

En ik hoop
HOOP,
zei hij, dat ze deze crisis overleven en dat we ooit
OOIT
terug samen
SAMEN
in de wei kunnen zitten, tussen de duizenden
madelieven en klavers en paardenbloemen en dat we
de wolken weer zullen tellen en de eenden in de beek
of de overvliegende ganzen en eksters en kraaien en
een zeldzame buizerd of meer.

Ik hoop
HOOP,
zei hij, dat ze dan weer op het erf kunnen scharrelen
en dat we allemaal samen
SAMEN
terug leven
LEVEN,
leven
LEVEN,
zei hij, zoals indertijd.

BALLERINA

 

Niks. Enkel een zwevende ballerina.

Alles. Alles in een enkel schriftje.

Kerstverlichting, tot in de nok van het dak, echt, de zolder inbegrepen.

Grootste geschenken.

Stof.

Liefde, overal.

Haar woede. ‘Hij heeft me weer laten zitten,’ zei ze. Geen enkele traan, enkel die woede.

Een dromenboek. Een boek vol dromen.

Een vriend, een vriendin, een gesprek. Liever licht, leven.

Een diepe zucht.

Liefde, overal. De warme gloed. Ook in de kerstverlichting, ook tot in de nok van het dak, echt, de zolder inbegrepen.

Voel je het niet?

Weer: de zwevende ballerina. De muziek, de beelden, de zachte tinten, de zachte stof.

Hoop. Hoop, hoop en hoop.

BLOEM

Maar het is dat de ene Chinees de andere vertrappelt
en dat de wereld op z’n vuilnisbakkop staat
en dat de wereld de bloemen vergiet

so, hier en daar, on whatever new ground;
een lelie, een alpenroos, een madelief.

Maar het is dat de ene mens de andere
en dat de wereld de wereld

so, hier en daar, on whatever new ground;
een nieuwe lucht, een adem, een groenrode  halm.

220
Illustratie: Eva Vanderstappen, voor Merel en Mus.