dd. 1972
THIS CULTURE IS MAD
dd. 1972
dd. 1972
Maar dat van die snee in mijn wenkbrauw is oud. De wonde is al lang genezen en het litteken is amper zichtbaar. Soms valt de flinterdunne lijn in mijn wenkbrauw me op en dan denk ik eraan dat niemand weet wat me echt overkwam. Een mens is gehaast, snelt door het leven en valt, baf!
Maar dat is niet belangrijk. Zulke dingen zijn nooit belangrijk. Zonnebloemen en zwaluwen, ja, zij wel. En de Noordpool en Siberië die branden. En de grote fabrikanten die eindeloze, zinloze en vooral verwoestende plastiek in plastiek in plastiek in plastiek verpakken. Dat dat anno 2019 nog altijd kàn en al te vaak zonder commentaar geslikt wordt, is een schande.
Mijn rechter wenkbrauw. Het was een lelijke, diepe snee en ze bloedde erg. Ze moest zorgvuldig ontsmet en genaaid worden en de dokter zei dat ik er een klein litteken zou aan overhouden.
Nu zit ik hier, een beetje verdwaasd. Soms betast ik de wonde en dan slik ik eens. Ja, het doet nog zeer.
(Zie Titel IV, Hoofdstuk VII, artikels 9-11, 11bis, 13-14, 14bis, 14ter van de Gecoördineerde Richtlijnen)
Art. 8-11, 11bis, 12-14, 14bis, 15-22, 22bis, 23-32. TITEL III. – DE MACHTEN. Art. 33-39, 39bis, 39ter, 40-41
Vanaf 1 juli moeten de HH. artsen, verplegers en verzorgers de verdoving van iedere reguliere patiënt met 15% verhogen. Ook die van de kinderen.
De HH. Artsen, verplegers en verzorgers worden bovendien verzocht om ons, per kerende, een lijst te bezorgen van individuen die gedurende de voorbije zes maanden niet op consultatie kwamen. De Hoge Raad zal deze individuen zelf benaderen en behandelen of, indien nodig, de verdoving onder dwang toedienen.
Geen enkel individu mag aan de verdoving ontsnappen.
Het toezicht wordt verhoogd.
Alle weerspannigheid dient ons binnen het uur gemeld te worden en de sancties vermeld in de bijlage zijn onmiddellijk van toepassing.
Hoogachtend,
De Hoge Raad van Toezicht op de Gezondheid en het Welbevinden van de Individuen van de Gewone Bevolking.
En de zwaluwen zijn terug, ze vliegen af en aan, twee families, ze restaureerden de oude nesten. En we hebben weer kwikstaart-jongen, ze zijn net een kluwen angora-wol, met wat geluk krijgen we de vier of vijf millimeterskleine snavels te zien. Maar we moeten vooral de discipline hebben om niét te kijken, om niet nieuwsgierig te zijn, om ze niet te storen, om de ouders niet te verjagen, die zijn altijd in de buurt en we mogen ze niet doen schrikken door met onze grote mensenhanden naar die angora-kluwen te willen grijpen.
‘Je moet, Eliane,’ zei de verkoper.
‘Huh?’ vroeg ik.
‘Ja je moet en je moet vandààg,’ zei hij.
‘Huh?’ vroeg ik.
‘Het is een must. Je moet en je zal, Eliane. Want anders ontplof je,’ dreigde hij.
‘Huh?’ herhaalde ik.
‘Of je vliegt in brand. Of je verrot. Of je wordt gevierendeeld. De ergste pijnen zullen je overkomen!’
‘Huh!’ zei ik voor de zoveelste keer.
‘Echt! Ik meen het! Je moet! Je moet nu! Je moet uiterlijk over een uur. Je moet, je moét, je MOET.’
‘Huh!’ herhaalde ik. ‘Pardon?’ voegde ik eraan toe.
‘Ja. Nu. Je moet. Voor je klanten. Voor ons. Voor je màrktaandeel. Voor je cijfers en resultàten.’
‘Huh, huh?’ vroeg ik.
‘Je zal eeuwig branden!’ gilde hij.
‘Excuseer?’ vroeg ik.
Hij tierde nog wat voort. Brulde. Zijn gezicht kleurde rood, donkerpaars, en werd dan lijkbleek.
‘Nu!’ drong hij aan.
‘Sorry, ik moet niezen,’ zei ik.
Gisteren besefte ik dat het hier over enkele dagen minder druk zal zijn. Ik heradem. Waarom heb ik er niet eerder aan gedacht dat deze gekte nooit langer dan een paar maanden duurt? Het is een troost, een warmte, een aangename deken die ik nu voel. Een herademen in de geruststelling. Adem, adem, heradem, diep, diep, nu reeds. En een wee gevoel in mijn hoofd, iets chemisch, lol, zoals alles chemie is, niet meer dan dat.
De letters dansen. De f dolt rond de t en de e rond de r. De o tolt rond zichzelf. De m en de w vinden dat ze goed bij elkaar passen en dansen in de voorste veranda. De n en de u dansen niet, maar zitten wiebelend en giechelend te praten. De a, de i, de v en de z dragen alle vier een lange rode jurk, vinden dat cool en dansen samen. De q danst alleen, maar de b, de d en de p doen een poging tot volksdans. Ze lachen veel en proberen er de h bij te betrekken, maar die danst enkel met zichzelf. De x rust, de c en de k verkiezen de koelte van het grote buitenterras en proberen, ondanks hun verschil in grootte, romantisch te dansen. Ik denk dat ze verliefd zijn en dat ze liefst ver van de anderen blijven. De g is onvindbaar. Is die in de badkamer? Of al naar huis? De j, de l, de s en de y hebben de hele tijd tussen alle anderen door gedanst, maar zitten nu te praten. Ze willen een liedje of een gedicht schrijven, komen echter veel letters te kort en overleggen hoe ze de anderen ervan kunnen overtuigen om mee te doen.