LELIJK

Lelijk.
Wat?
Zij.
Huh? Zijn zij lelijk?
JA.
Waarom?
ZIE je dat niet?
Nee, ik zie niet wat je bedoelt. Ze zijn normaal. Netjes. Gewone gezichten.
Vind je? Ze zijn LELIJK. Hun GANSE LIJF heeft MONSTERLIJKE TREKKEN. Ze zijn helemaal MISVORMD.
Eum, nee, ik zie geen misvormingen. Ze zijn toch GEWOON?
NEE, ze zijn NIET gewoon, ze zijn AFZICHTELIJK. En hun GELUIDEN!
Wat, geluiden?
Wat ze ZEGGEN. Wat ze de hele tijd BEWEREN. Wat ze BELOVEN. Hun SPEL. Alles wat ze DOEN, alles wat ze ZEGGEN is VIES en is LELIJK.
Nee, ik hoor het niet, ik zie het niet.
KIJK. LUISTER. ZIE je het niet? HOOR je het niet? AFSCHUWELIJK zijn ze.

Advertenties