HELEMAAL

HELEMAAL ZON

..
Vandaag werd ik, door toedoen van een

Zwoele

stem

Helemaal

wakker.

..

Minder dan een minuut later werd ik een

Volgende

keer gewekt door een op de wolken beukende

Zon

die, behalve op de zijkanten van dat grote dek,

maar niet wou verschijnen

en nog een minuut later werd ik nogmaals gewekt door enkele

Achtergrondgeluiden

van Brahms en U2

en dacht ik dat

Dacht ik dat.

..

De Zon bleef beuken op haar de dag overheersende

Grenzen

van donkergrijs en blauw

en zei

dat het een gans andere

Dag

zou worden:

– hortensia’s in alle kleuren

– rondslingerende portemonnees

– geen dwingende achtergronden

– kleurrijke knikkers en kikkers

– mosselen, kreeften

– waters en andere dranken.

..

Nog steeds op de

Grenzen

van heldere en regenachtige uren

drong ze aan:

“Het wordt een gans andere dag,

Namelijk

– hortensia’s in donkerblauw, wit en roze

– het mooie lichtgroen van de hagen van de voor- en achtertuinen

– Peterselie

– kronieken

– Histories

van grote en kleinere mensen

– gesprekken over haarzelf,

De Zon,

die nog twijfelt over

het links of rechts van haar

Grenzen.”

..
(foto dd. 2/7, tekst dd. 3/7)

GATEN – 4

pierre soulages 2015
Pierre Soulages,
Peinture, 159 x 202 cm, 30 Octobre 2015, 2015
Courtesy Galerie Karsten Greve, © VG Bild-Kunst, Bonn 2015
Photo: Vincent Cunillère

‘Het is leeg.
Er is niks.
Het is leeg.
Er is niks.’

Marieke huppelt voorbij en hoort het en zegt
‘Huh, Niks?’
en
‘Huh, Leeg? Maar ik zie toch vanalles? Mensen en huizen en auto’s en honden en katten? Bomen, vijvers, rivieren, weiden, merels en mussen, vlinders? Blaadjes, bijen, vliegen, mieren, nerven? Hoezo dan, leeg en hoezo dan, niks?’

LISA, DIE ENE

gras van 't internet
Foto: gras van ’t internet.

Ze kan weigeren:

Ze leest niet, ze schrijft niet, ze babbelt niet, luistert niet, kijkt de mensen niet meer aan.
Geen eten, geen drinken, zelfs geen water
noch lucht noch slaap.

Ze wil niks horen maar in de verte klinken een hoest van iemand anders en een vrachtwagen die voorbijrijdt.

Ze vertikt het. Ze wendt zich af.

Ze denkt eraan dat ze zelfs kan weigeren om te ademen, maar dat brengt haar aan het glimlachen, want weigeren om te ademen, da’s niet makkelijk.

Ze hoort weer een vrachtwagen.

Ze propt watten in haar oren.

Ze hoort iemand iets zeggen.

Nog meer watten.

Weer die hoest.

Tien minuten later beseft ze dat het zinloos is en ze zoekt een middenweg.

Ze heeft een idee, trekt haar stapschoenen aan en gaat op pad.

Het wegeltje achter de huizen. Het wegeltje, daarna, dwars door de velden. Hetzelfde wegeltje, nog steeds, door een klein bos. Daarna weer velden.

Ze kijkt om zich heen. Ze voelt aan het gras. Ze voelt het gras.

HET KORTETERMIJNDENKEN OP ECONOMISCH VLAK

2016 juni

6-9 juni 2016

 

GATEN – 3

peinture-324-x-181-cm-17-novembre-2008
Pierre Soulages Peinture 324 x 181 cm, 17 novembre 2008, Acrylic on canvas
Private collection, © Photo: George Poncet, Archive Soulages / VG Bild-Kunst Bonn, 2010

‘Alleen maar een groot zwart gat.’
‘Je maakt me blaaskes wijs.’
‘Nee. Ik zweer het. Een groot zwart gat.’
‘In de duinen? Je raaskalt.’
‘Toch was er alleen maar dat ene grote zwarte gat.’
‘Ja, en jij hebt dat alleen maar gedroomd.’
‘Nee, ik was klaarwakker.’
‘Ook dat heb je gedroomd.’
‘Nee, ik bleef de hele tijd fris en alert.’
‘Jaja.’
‘Geloof je me nu?’
‘Jaja.’

GATEN – 2

peinture-243-x-181-cm-26-juin-1999
Pierre Soulages
Peinture 324 x 181 cm, 17 novembre 2008 , Acrylic on canvas, Private collection
© Photo: George Poncet, Archive Soulages / VG Bild-Kunst Bonn, 2010

‘Tsjak, tzzzzzzzzz, zzzzzzz, tsjak, tsjak, tzzzzzz, zzzzzzz, tsjak.’
‘Waarom laat je de zesde altijd staan?’
‘Wat? O ja, nu je het zegt. Ik weet het niet. Wacht, ik herbegin.’
‘Tsjak, tzzzzzzzzz, zzzzzzz, tsjak, tsjak, tzzzzzz, zzzzzzz, tsjak.’
‘Je doet het weer. Iedere zesde bleef staan.’
‘Maar ik deed ze een voor een en lette op!’
‘Nee. Iedere zesde bleef staan.’

GATEN – 1

soulages
Pierre Soulages
Peinture 202 x 327 cm, 17 janvier 1970
Private collection
© Photo: François Walch, Archive Soulages / VG Bild-Kunst Bonn, 2010

 

‘Een, twee, drie, vier, vijf, zes, acht, negen, tien.’
‘Je vergat de zeven.’
‘Ik vergat niks.’
‘Jawel, doe nog maar eens.’
‘Een, twee, drie, vier, vijf, zes, acht, negen, tien.’
‘Zie je wel? Je vergat alweer de zeven.’
‘Maar nee.’
‘O jawel.’

ZE VLIEGT PARALLEL

Paul Klee Senecio-1922
Paul Klee, Senecio, 1922

 

Tja, zegt ze, dat zal dan wel.
Ze haalt de schouders weer eens op en vertelt over haar dag. Dat de vlieg parallel met de venster vliegt. Dat de autosnelweg verschoven is naar haar straat. Horizonten zijn nu nevelig, zegt ze, maar straks ben ik op het strand en priem ik naar het verste water dat ik kan zien en begraaf ik mijn handen en voeten onder een van de zandkastelen, voor even, zegt ze.
Ik leid een eindeloos, rusteloos, doelloos, kansloos leven, zegt ze. Bomen zijn geen bomen meer, maar draken. Links de lelijke draken, rechts de mooie.
Maar het begon allemaal met het mannetje dat langs een stoelpoot naar de rugleuning kroop, en van daar de sprong naar het tafelblad waagde, en op het tafelblad vijf kilo zand uitstrooide en er dan een tekening in maakte, een tekening van pasteldoorkleurde korrels, een tekening van glooiende lijnen en oases.
Maar nu? Zegt ze. Er stopt een vrachtwagen. Hij is het begin van een file. Twee, drie, vijfendertig. De vlieg heeft het ook gezien en vliegt vijf, tien, vijftien, vijftienhonderd meter langs de vrachtwagens. Plots begint de vlieg een slalom. ‘Links, rechts, links, rechts,’ denkt de vlieg en de vrachtwagens blijven staan tot de autostrade zich van de straat naar haar oude route verplaatst. De vlieg doet een poging maar pats.
Zo gaat het nu altijd, zegt ze.
Het mannetje zit nog altijd op de tafel en bekijkt zijn kunstwerken. Het herkent de vrolijkheid van het leven en koopt een strandstoel en een krant. Hij leest en valt in slaap, reist in het land van de onbezorgde slapers en vertelt zijn bevindingen aan iedereen die het wil horen. Het enige dat je moet doen is ademen, zegt het mannetje, en naar de horizonten kijken. Zie, de zee beweegt.
Ze haalt de schouders weer eens op en vertelt over haar dag en over alle andere dagen. Mijn hoofd gaat op stap, zegt ze, en het vergeet de vorige minuten. Ik heb maar een minuut per keer meer. Hoe heet jij ook weer? Maar we zijn nu vlakbij Leuven en in het volgende nu zijn we in onze straat en zijn de bomen nog altijd de oude bomen maar hoe heten die ook weer? En jij? En jouw hond? En dat ze niet gehuild heeft, ze huilt niet meer, zegt ze, het leven is mooi, zo minuut per minuut, ik hoef me geen zorgen meer te maken over gisteren noch over morgen noch over de waslijsten van boodschappen. Heb je een potlood voor me? Zodat ik kan tekenen?
Ik vraag haar waar de draken naartoe zijn.
De lelijke en de mooie? Vraagt ze.
Ja, zeg ik.
Ik heb ze allemaal opgegeten, zegt ze, en ze grinnikt. Hier is wel veel lawaai hé, zegt ze. Dat komt door al die auto’s en vrachtwagens. Hoor ze razen, zegt ze. Misschien kan ik springen en meerijden? Misschien kan ik dat iedere minuut herhalen, springen en rijden, springen en rijden, springen en rijden?
Mijn stoel is een goeie, zegt ze. Hier, zo, vlakbij het groen. Nee, hier is geen lawaai. Hier zijn alleen maar bossen en kastelen. Ja, nu weet ik het weer. Ja natuurlijk kijk ik ook televisie, zegt ze, met al die programma’s.
Ze geeuwt.
Ik ben moe, zegt ze. Ik ga in bed, zegt ze. Ik ga in bed, zegt ze.

HET VROLIJKE OLIJKE SPINNETJE EN DE ROZE SNEAKERS

louise bourgeois, untitled
Louise Bourgeois, untitled.

Het vrolijke olijke spinnetje wou een stel roze sneakers van Adidas maar vond ze niet in haar maat. Daardoor was het spinnetje niet langer vrolijk en besliste het dat het nooit meer de reclamefolders van de sneakers van Adidas zou bekijken.
Hetzelfde voor een tweede merk.
Hetzelfde voor een derde merk en voor alle websites die sneakers verkochten.
Het spinnetje bleef een dag of wat verdrietig en besliste dan dat het zich bij de feiten moest neerleggen. Het vond dat het iets moest doen om niet meer aan de sneakers te denken en het begon aan een marathon. Dat lukte. Het spinnetje had immers voldoende poten en het had geen moeite met de lange marathonafstand. De volgende dag liep het dezelfde afstand opnieuw, en de dag daarna nog eens.
Door de vele moeiteloze marathons kwam het vrolijke olijke spinnetje in de krant en kreeg het een artikel van een halve pagina. Omdat het zo’n leuk artikel was, werd het vrolijke olijke spinnetje gecontacteerd door een reclamebureau en kreeg het talloze aanbiedingen voor openingen van shopping-centra en zo voort. Het spinnetje voelde zich gewaardeerd en was gelukkig. Het was zelfs vrolijker en olijker dan ooit, tot iemand hardop zei ‘het is maar een klein spinnetje’. Het spinnetje hoorde de nadruk op het woord ‘klein’ en dacht terug aan de roze sneakers die het nooit zou hebben. Die gedachte vergalde haar dag.
Punt.
Het spinnetje herpakte zich en liep nog een marathon, en nog een.
Punt.
Het spinnetje bleef marathons lopen en kwam in een paar andere kranten en tijdschriften en het werd een hype. Het spinnetje kreeg een merchandisinglijn. Men fabriceerde, verkocht en kocht massaal vrolijke-olijke-spinnetje truien, T-shirts, petten, puzzels, blocnotes en schriften, bics, ballonnen, regenjasjes en zo voort.
Er werden, speciaal voor het spinnetje, zelfs mini-roze-sneakers-in-de-juiste-maat-en-in-allerlei-kleuren gemaakt! Ook die werden massaal gefabriceerd, verkocht en gekocht!
En gelukkig dat het spinnetje daarvan werd! En nog veel vrolijker en olijker dan ooit! En het bleef nog een jaar een hype!
Punt!

HET ZWEMBAD WAS NIET VOOR MIJ, MAAR VOOR DE PAARDEN

mondriaan grijze boom 1911
Piet Mondriaan, De Grijze Boom.

Het waren bijzonder zware weken:

  • Nero, onze dikke, rosse kater, is weggelopen.
  • Ik heb de dop van de fles Evian geschroefd.
  • Ik heb mijn linkervoet vijf centimeter verzet.
  • De lakens zijn niet langer van flanel.
  • De overhemden moesten XL zijn.
  • De kinderkoets reed hier voorbij, solo.
  • De dame kroop in de kast.
  • De dame kroop uit de kast.
  • De citroenen lagen op een rij. Ik schrok ervan.
  • De buren snoeiden de haag, links.
  • Zal de aloë vera bloemen? Het was en is bijzonder spannend.
  • Het mannetje naast de speculaasvorm. Tja.
  • De opbrengst was vijf euro.
  • De papegaai praat niet meer, zegden ze.
  • De watervallen van Coo werden hertekend, maar daar bleef het bij.
  • De veiligheidsspeld. Ik zocht de veiligheidsspeld.
  • Dat ene beeld, van drie op vijf centimeter, zal eeuwig blijven hangen.
  • Er was muziek.
  • Er was geen muziek.
  • Joke werkt tot zes juni.
  • De bril zat in de zijzak.
  • Die stoeltjes komen nog uit het klooster.
  • Iedereen: soep.
  • Dezelfde ekster zat bij dezelfde buren.
  • Het zwembad was niet voor mij, maar voor de paarden.
  • Onder begeleiding. Drie instructeurs.
  • Net zoals in de regering.
  • Cayennepeper, kurkuma, kaneel, gember, citroen. Terugkerend.
  • De duif is morsdood, door een kogel.
  • Ben vertrekt op bedevaart. Nog een maand, denk ik.
  • Het was een groene map.
  • De verzekering werd nog niet betaald. Het was niet echt nodig, zei hij.
  • Er viel nieuwe regen. Er valt ook nu nieuwe regen.
  • Ik verhuisde het tinnen potje.
  • Er is nog een enkele lucifer. Als die op is, worden ze niet meer gefabriceerd.
  • ‘Stilte in Augustus’ zou een boek zijn. Is het een boek?
  • Ik zei dat de ficus klein moest blijven.
  • De flesjes Gaultier. Zo werden zij een constante.
  • Fluogeel en fluoroze.
  • Het lichtje pinkte en de deur stond wagenwijd open.
  • Drie minuten voor. Inderdaad. Maar dan na de klokslag.
  • Ik kende de code.

En zo voort. Zoals ik al zei. Het waren bijzonder zware weken.