BOEK

Zijn naam is Boek.
Hij wacht.
Hij wacht.
Er gaat een dag voorbij.
Er gaat een nacht voorbij.
Er gaat nog een dag voorbij.
Bij het begin van de volgende nacht slaakt Boek een diepe zucht.
Niks.
Hij slaakt een nog diepere zucht.
Weer niks.
En nog een zucht.
Aha, er klinkt gestommel.
De deur van Boeks kamer gaat open, iemand knipt het licht aan, die iemand kijkt even rond en knipt het licht weer uit.
‘Weer niet,’ denkt Boek.
De volgende avond is hij het wachten meer dan beu. Hij begint dan maar zelf en leest zijn titel en achterflap. Hij kijkt eens naar zijn aantal bladzijden.
‘Ik ben niet te dik,’ denkt hij.
Hij bladert naar het begin.
Hij leest.

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.